Go to Top

Duurzame geelvintonijn uit de Filipijnen

Duurzame tonijn

Versvishandel Jan van As brengt sinds kort duurzame geelvintonijn uit een verbeterproject op de Filipijnen op de markt. Initiatiefnemer van dit project is Sea Fresh uit Urk, in samenwerking met het Wereld Natuur Fonds.

Tijdens een feestelijke bijeenkomst in Japans restaurant Ichi-E in Amsterdam presenteerde Versvishandel Jan van As een nieuw product uit het duurzame seizoensvisassortiment: geelvintonijn uit een verbetertraject op de Filipijnen. Initiatiefnemer van dit project is Sea Fresh, importeur en exporteur van visproducten op Urk.

Directeur Jan Ras zocht voor de afzet in Nederland contact met Versvishandel Jan van As. “Sea Fresh is een im- en exportbedrijf. Van onze omzet is 90 procent afkomstig uit het buitenland. Wij zijn helemaal niet Nederlands georiënteerd. Jan van As is een heel goede partner voor de Nederlandse markt. Want we moeten voldoende afnemers hebben voor dit duurzame product. En – tegen de aanwezigen – daarvoor hebben we jullie nodig!”

Cirkelhaken

Elies Arps, adviseur visserij van het Wereld Natuur Fonds, is blij met het Filipijnse tonijnproject. “Wij werken bij voorkeur marktgericht. We proberen samen met partijen uit de keten de vraag naar duurzame vis te beïnvloeden. Daarbij richten we ons op producenten en de handel. Dit project is gelegen in de koraaldriehoek. Dat is een gebied met een enorme biodiversiteit en de kraamkamer van de zee: heel veel soorten vis uit de hele wereld planten zich daar voort. Het is dan ook een gebied met een grote waarde en kwetsbaarheid voor de natuur. Een groot deel van de visaanvoer uit de hele wereld komt hier vandaan. Bovendien zijn 120 miljoen mensen in dat gebied voor hun levensonderhoud of voedsel afhankelijk van die koraaldrie- hoek. De tonijnhandel is daar een grote industrie. De helft van de tonijn die wij wereldwijd eten, komt uit dit vangstgebied. Echter, er wordt op dit moment te veel tonijn gevangen met vangstmethodes als purse seine en longline. Dat veroorzaakt veel bijvangst, van zowel dolfijnen, schildpadden en haaien als onvolgroeide tonijnen. De bestanden zitten daardoor in een kritieke situatie. Daarom wil het WNF die druk op de bestanden omlaag brengen.

Vandaar dat wij in 2011 in zee zijn gegaan met Sea Fresh in dit project.” Het gaat om een visserij die al honderden jaren bestaat, aldus Arps. “Met kleine bootjes en handlijnen. Eén van de verbeteringen die we daar hebben geïntroduceerd is het gebruik van de cirkelhaak. Elke lijn heeft maar één haak, die op een diepte van 150 meter wordt uitgezet. Daar zwemmen juist de volwassen tonijnen. Er worden korte vaarten gemaakt, vooral  ’s nachts, met maar weinig tonijnen per boot. Daardoor is de tonijn duurder, maar deze selectieve vorm van visserij geeft minder bijvangst.” Samenwerking met marktpartijen is daarbij essentieel, aldus Erps. “Sea Fresh steunt dit project financieel, neemt de tonijn af en brengt die op de Europese markt. Jan van As neemt de tonijn af van Sea Fresh en via het horecaprogramma van dat bedrijf belandt die uiteindelijk bij uw gasten op het bord.”

Geelvintonijn uit de Filipijnen

Het geelvintonijnproject werd in 2010 gestart door Sea Fresh uit Urk, in samenwer- king met Bell Seafood, WWF Duitsland, de Filipijnen en Nederland, vertelt directeur Jan Ras. “Dit project was een enorme kans om ons als bedrijf op een positieve manier te profileren. Wat je tegenwoordig in de media ziet over tonijn is vooral negatief. En er is echt wel duurzame geelvintonijn te krijgen.” Het begon allemaal met de vraag naar duurzame tonijn vanuit de handel, aldus Ras. “Wij hebben al langere tijd een eigen fabriek op Sri Lanka, maar we merken dat de aanvoer daar terugloopt. De tonijn die in dat gebied gevangen wordt, staat inmid- dels op de Viswijzer in het rood. Dan moet je als ondernemer je verantwoordelijkheid nemen. Je wilt toch ook toekomstige generaties van dit prachtige product laten eten.” In zijn zoektocht naar een duurzaam alternatief voor de tonijn uit Sri Lanka kwam Ras in 2010 via Indonesië op de Filipijnen terecht. Hij ontdekte er een kleinschalige visserij op geelvintonijn, in een gebied met een gezond tonijnbestand. Die visserij voldeed echter niet aan de eisen vanuit de Europese markt op het gebied van koeling, hygiëne en traceerbaarheid. In 2011 nam Ras contact op met het Wereld Natuur Fonds, om samen met die organisatie de Filipijnse vissers te onder- steunen bij het verduurzamen van hun tonijnvisserij. “Dat was niet eenvoudig. Er was veel weerstand van de vissers. Die moesten hun gewoontes van jaren veranderen. Ze vingen voornamelijk voor de lokale markt. Zo hadden ze bijvoorbeeld wel zeewaardige boten, maar geen ijs aan boord. Dat was een behoorlijk obstakel voor de productie voor de Europese markt, want het is op de Filipijnen altijd heet. Dus zonder ijs was het waarborgen van goede kwaliteit tonijn moeilijk.” Een ander probleem was de dodingsmethode die men gewend was, aldus Jan Ras. “De tonijnen werden doodgeknuppeld.  Dat geeft stress en dat heeft een negatieve invloed op de kwaliteit van de loins.“

Traceerbaarheidssysteem

Het overtuigen van de vissers kostte veel tijd en overredingskracht, vertelt Jan Ras. “Op z’n Hollands, dat werkt daar niet. Je moet rekening houden met de cultuur en de mensen daar. Gelukkig kregen we hulp van een tussenpersoon: een Nederlander die op de Filipijnen woont en ook de taal spreekt. We hebben workshops georganiseerd, met uitleg over het gebruik en de functie van ijs, de juiste temperatuur en ook over registratie en bijhouden van vangstgegevens.” Dat heeft effect gehad, want inmiddels is 70 procent van de tonijn A-grade: geschikt voor de Europese markt. Ras: “Dan maak je flinke stappen. En een A-grade tonijn is voor een Filipijnse visser een weeksalaris. Daar verdient hij dus veel meer aan dan vroeger.”

Belangrijk bleek ook het contact met de lo- kale opkopers, aldus Ras. “Die willen de tonijnen voor een zo laag mogelijke prijs. Wij willen een faire, redelijke prijs, waar- door de vissers betere kwaliteit kunnen realiseren. Door goed overleg en scholing van de opkopers verzamelen die de tonijn nu niet meer onder afdakjes in de hitte, maar in gekoelde, afgesloten ruimtes, zoals het hoort.” Nu, in 2014, is Sea Fresh één van de eerste importeurs met een gesloten traceerbaar- heidssysteem, van vangst tot bord. Ras: “Dat is belangrijk, ook voor de afnemers. Onze eigen HACCP-medewerkers gaan daarom regelmatig naar de Filipijnen, voor de begeleiding en de administratie.” In de regio Mindoro is het project inmid- dels voor 90 procent rond. De volgende uitdaging is de Golf van Logonoy, waar zo’n 6.000 vissers actief zijn in de tonijnvisserij en waar ook een goed bestand zit. Jan Ras: “Dat vergt ook weer heel veel werk. Vijftien mensen van het WNF zijn in Mindoro actief, nu moet ook in Logonoy zo’n team aan de slag.” Hij verwacht dat dit tweede project sneller zal gaan. “Ze kunnen de ervaringen in Mindoro als voorbeeld nemen.” Het eindproduct is 100 procent duurzame tonijn, aldus Jan Ras. “Daar hoef je je als kok totaal niet voor te schamen. Het MSC-certificeringstraject staat helemaal op de rails. De planning daarvoor is 2016 en ik ben ervan overtuigd dat we dat gaan halen.”

Bron: VISmagazine maart 2014